Les 2: Fiscaal partnerschap
Fiscaal partnerschap betekent dat twee personen voor de inkomstenbelasting als partners worden gezien.
1. Wanneer bent u fiscale partners?
Uw cliënt is fiscaal partner met iemand als zij aan 1 van de wettelijke voorwaarden voldoen:
Fiscaal partnerschap geldt altijd wanneer uw cliënt:
- getrouwd is, of
- een geregistreerd partnerschap heeft.
Woont de partner in het buitenland, dan kunnen er extra voorwaarden gelden.
Is uw cliënt niet getrouwd, dan kan er toch fiscaal partnerschap zijn als beide personen op hetzelfde adres staan ingeschreven en 1 van de volgende situaties geldt:
- zij hebben samen een notarieel samenlevingscontract
- zij hebben samen een kind
- 1 van beiden heeft het kind van de ander erkend
- zij zijn pensioenpartners bij een pensioenfonds
- zij zijn samen eigenaar van de woning waarin zij wonen
- er staat op hetzelfde adres een minderjarig kind van 1 van beiden ingeschreven
Woont uw cliënt samen met een ouder of kind? Dan zijn zij alleen fiscale partners als beiden op 31 december van het vorige jaar 27 jaar of ouder waren.
2. Samen of apart aangifte doen
Het is meestal het makkelijkst om samen digitaal aangifte te doen. Inkomsten en aftrekposten hoeven dan maar 1 keer te worden ingevuld en verdeeld, en de kans op fouten is kleiner omdat alle gegevens in 1 formulier staan.
Het kan ook apart. De verdeling van inkomsten en aftrekposten blijft dan mogelijk, maar uw cliënt moet dit goed afstemmen met de partner. De totale verdeling mag nooit meer dan 100% zijn en moet in beide aangiften hetzelfde zijn.
3. Meerdere mogelijke partners
Soms voldoet iemand met meerdere personen aan de voorwaarden. Dan geldt:
- getrouwd zijn of geregistreerd partnerschap hebben gaat altijd voor
- anders telt de voorwaarde die het hoogst staat in de wettelijke volgorde (bijvoorbeeld: samen een kind staat hoger dan samen een woning)
- u kunt maar 1 fiscale partner tegelijk hebben, maar wel meerdere na elkaar in 1 jaar
Lees meer op Kunnen meerdere personen na elkaar uw fiscale partner zijn? en Kunnen meerdere personen tegelijkertijd uw fiscale partner zijn?
4. Vanaf wanneer gaat fiscaal partnerschap in?
Vanaf welk moment uw cliënt fiscale partner is, hangt af van de situatie. In de meeste gevallen begint het fiscaal partnerschap op de datum waarop beide personen op hetzelfde adres staan ingeschreven.
- Bij trouwen of een geregistreerd partnerschap kan het partnerschap terugwerken tot 1 januari van dat jaar, afhankelijk van wanneer zij zijn gaan samenwonen.
- Bij andere voorwaarden, zoals samen een huis kopen of samen een kind krijgen, start het fiscaal partnerschap op het moment dat aan die voorwaarde wordt voldaan.
Lees meer op de pagina Vanaf wanneer bent u fiscale partners met uw huisgenoot?
5. Gevolgen van fiscaal partnerschap
Fiscaal partnerschap heeft gevolgen voor:
- de hoogte van het (verzamel)inkomen van uw cliënt(en)
Als uw cliënt(en) het hele jaar fiscale partners zijn (of ervoor kiezen om het hele jaar als fiscale partners te worden beschouwd), mogen zij bepaalde inkomsten en aftrekposten verdelen, zodat zij samen zo min mogelijk belasting betalen. - de hoogte van drempelbedragen
Uw cliënt(en) moeten het drempelinkomen bij elkaar optellen om de drempelbedragen te berekenen. - heffingskortingen
Als uw cliënt een fiscale partner heeft die genoeg belasting betaalt, en uw cliënt zelf weinig of geen inkomen heeft, kan een deel van de heffingskortingen via de partner toch worden uitbetaald.
6. In geval van scheiden of uit elkaar gaan
Wanneer uw cliënt en diens partner uit elkaar gaan, kan dit gevolgen hebben voor het fiscaal partnerschap.
Was uw cliënt getrouwd of geregistreerd partner, dan stopt het fiscaal partnerschap pas als aan 2 voorwaarden is voldaan:
- er is een verzoek tot scheiding ingediend bij de rechtbank en
- beide personen staan niet meer op hetzelfde adres ingeschreven.
Blijven zij op hetzelfde adres ingeschreven, dan blijven zij fiscale partners totdat 1 van beiden zich uitschrijft. Dit kan zelfs doorlopen tot in het volgende jaar.
Gaan partners in de loop van het jaar uit elkaar, dan kunnen zij ervoor kiezen om voor dat hele jaar toch als fiscale partners te worden beschouwd. Dit kan gunstig zijn omdat zij dan nog 1 keer inkomsten en aftrekposten kunnen verdelen.
Bij geregistreerde partners die zonder rechter scheiden, eindigt het fiscaal partnerschap wanneer zij niet meer op hetzelfde adres staan en de beëindigingsovereenkomst door beiden is ondertekend.
7. In geval van overlijden
Wanneer uw cliënt fiscale partner was van iemand die is overleden, moet er zowel voor de overledene als voor de achterblijvende partner aangifte inkomstenbelasting worden gedaan. De achterblijvende partner kan kiezen: fiscale partners tot de overlijdensdatum, of voor het hele jaar fiscale partners blijven. Deze keuze heeft gevolgen voor beide aangiften, omdat gemeenschappelijke inkomsten en aftrekposten dan nog verdeeld kunnen worden. De aangifte voor de achterblijvende partner kan pas worden gedaan vanaf 1 maart van het jaar na het overlijden.
Voor het online doen van aangifte is een nabestaandenmachtiging nodig als uw cliënt ervoor kiest om het hele jaar fiscale partners te blijven. Met deze machtiging kan u zowel de aangifte van de overledene als die van uw cliënt digitaal invullen. Kiest uw cliënt ervoor om alleen tot de overlijdensdatum fiscale partner te zijn, dan kan de achterblijvende partner zijn of haar eigen aangifte zonder machtiging doen.
Als uw cliënt op papier aangifte wil doen en kiest voor een heel jaar fiscaal partnerschap, dan heeft de partner een apart P-formulier nodig. Dit formulier kan vanaf 1 maart worden aangevraagd bij de BelastingTelefoon voor nabestaanden.
Let erop dat bepaalde inkomsten en aftrekposten – ook na de overlijdensdatum – nog verdeeld mogen worden tussen de overledene en de partner. Om die verdeling goed te kunnen maken, moeten alle gegevens over het hele jaar bekend zijn. Soms is het daarom verstandig om te wachten met de aangifte van de overledene tot het jaar volledig voorbij is.
Lees meer op Ik ben fiscale partner van de overledene – hoe doe ik aangifte inkomstenbelasting voor mijzelf?
8. Opname in verzorgings- of verpleeghuis
Staan uw cliënt en de partner niet meer op hetzelfde adres ingeschreven omdat één van beiden (of allebei) is opgenomen in een verzorgings- of verpleeghuis? Dan blijven zij tóch fiscale partners. De opname verandert het fiscaal partnerschap dus niet automatisch.
Wonen uw cliënt en de partner ongehuwd samen, dan stopt het fiscaal partnerschap alleen in twee situaties: wanneer één van beiden de Belastingdienst schriftelijk laat weten geen fiscale partners meer te willen zijn, of wanneer één van hen een nieuwe fiscale partner krijgt.
Lees meer op Verzorgings- of verpleeghuis.
9. Uw cliënt heeft een Oekraïense vluchteling in huis
Bij de aangifte moet worden aangeven of op het adres van uw cliënt een Oekraïense vluchteling staat ingeschreven. Is dat zo? Kies dan ‘Ja’. Vervolgens beantwoordt u een aantal aanvullende vragen. De Belastingdienst controleert op deze manier of er sprake is van fiscaal partnerschap. De uitslag vindt u in het scherm.