Les 5: Specifieke situaties
Vrijwilligerswerk
Doet uw cliënt vrijwilligerswerk voor een ANBI, dan kan onder voorwaarden sprake zijn van een aftrekbare gift. Het afzien van een vrijwilligersvergoeding is niet automatisch aftrekbaar. De niet‑ontvangen vergoeding kan alleen als gewone gift worden aangemerkt wanneer:
- uw cliënt recht heeft op een vrijwilligersvergoeding
- de ANBI een regeling heeft voor het uitkeren van deze vergoeding
- de ANBI de vergoeding financieel kan én wil uitbetalen
Uw cliënt kan er vervolgens voor kiezen om van de vergoeding af te zien. Daarnaast moet uw cliënt kunnen aantonen dat hij of zij daadwerkelijk vrijwilligerswerk heeft verricht, bijvoorbeeld met een verklaring van de ANBI.
Maakt uw cliënt kosten voor vrijwilligerswerk bij een ANBI en krijgt uw cliënt daarvoor geen vergoeding, dan kunnen deze kosten onder voorwaarden als gewone gift aftrekbaar zijn. Het moet dan gaan om kosten die volgens maatschappelijke opvattingen vergoed horen te worden, zoals reiskosten, portokosten of materiaalkosten.
Let op: als uw cliënt zowel afziet van een vrijwilligersvergoeding als kosten maakt voor dezelfde ANBI, moet bij de berekening worden voorkomen dat hetzelfde bedrag dubbel wordt afgetrokken.
Lees meer op Ik doe vrijwilligerswerk voor een ANBI en krijg daarvoor geen vergoeding – wat mag ik aftrekken? en Ik maak kosten voor een ANBI en krijg daarvoor geen vergoeding – wat mag ik aftrekken?
Restant persoonsgebonden aftrek vorige jaren
Het restant persoonsgebonden aftrek bestaat uit aftrekposten die in eerdere jaren niet volledig konden worden verrekend. Dit restant vult uw cliënt opnieuw in bij de aangifte en wordt in volgende jaren verder verrekend totdat het volledig is benut. Het bedrag staat op de definitieve aanslag van het jaar waarin het ontstond en kan ook zelf worden berekend door de aftrek achtereenvolgens toe te passen op box 1, daarna box 3 en vervolgens box 2.
Bij fiscale partners mag het restant onderling worden verdeeld.
Lees meer over Welke aftrekposten horen bij uw restant persoonsgebonden aftrek?
Afbouw van het aftrektarief bij hoge inkomens
Voor belastingplichtigen met een inkomen uit werk en woning boven € 78.426 in 2026 geldt een lager aftrektarief. Door de tariefsaanpassing van 11,94% levert een aftrekpost in de hoogste schijf maximaal 37,56% belastingvoordeel op. Dit geldt voor diverse aftrekposten, zoals de persoonsgebonden aftrek, specifieke zorgkosten, giften, onderhoudsverplichtingen, hypotheekrenteaftrek en ondernemersfaciliteiten. De Belastingdienst berekent de verlaging automatisch in de aangifte en toont deze ook op de aanslag.
Meer informatie staat op Afbouw tarief aftrekposten als u een hoog inkomen hebt.