Les 2: Schulden in box 3
Bij het invullen van de aangifte is het belangrijk om onderscheid te maken tussen schulden die horen bij de eigen woning en schulden die in box 3 vallen. Niet alle schulden worden namelijk op dezelfde plek opgegeven.
Schulden die geen verband houden met de eigen woning vallen in box 3. Dit kunnen bijvoorbeeld consumptieve leningen, roodstand, leningen bij familie of crypto-schulden zijn.
Een overzicht van verschillende soorten schulden vindt u op Wat zijn uw schulden?
Uw cliënt geeft aan wat de waarde van diens schulden was op 1 januari 2026. Daarbij kijkt u eerst of er sprake is van een fiscale partner. Zonder fiscale partner geeft u alleen de schulden van uw cliënt op; met fiscale partner neemt u de schulden van beide partners mee.
Bezittingen en schulden van minderjarige kinderen tellen mee als uw cliënt of diens partner het ouderlijk gezag heeft. Zijn de ouders geen fiscale partners, dan neemt iedere ouder de helft van de schulden op in de aangifte. Heeft uw cliënt samen met iemand anders dan de fiscale partner het gezag, dan wordt eveneens de helft opgenomen.
Bijzondere schulden: Schenking op papier
Bij een schenking op papier ontstaat er voor de schenker een schuld aan de ontvanger. Deze schuld telt mee als box 3-schuld, zolang aan de voorwaarden is voldaan. De schuld mag alleen worden opgegeven als de schenking notarieel is vastgelegd, en de schenker elk jaar minimaal 6% rente betaalt aan de ontvanger.
Wordt de rente niet betaald, dan vervalt het fiscale voordeel en telt de schuld niet als box 3-schuld.
Is de schenking alleen in een onderhandse akte vastgelegd en nog niet uitgekeerd bij overlijden, dan mag de ontvanger de schuld niet opvoeren in de nalatenschap. De schenking geldt dan niet als schuld en levert geen voordeel op voor de erfbelasting.
Zowel schenker als ontvanger moeten de schuld opnemen in hun aangifte inkomstenbelasting.
Bijzondere schulden: Uit een nalatenschap
Als iemand overlijdt, kunnen er belastingschulden of andere schulden in de nalatenschap zitten. Of een erfgenaam deze schulden moet betalen, hangt af van de manier waarop de erfenis wordt aanvaard:
- verwerpen
De erfgenaam weigert de erfenis en krijgt niets. De erfgenaam is dan niet aansprakelijk voor de schulden van de overledene. De schulden vormen dan dus geen schuld voor de erfgenaam. - beneficiair aanvaarden
De erfgenaam accepteert de erfenis onder voorwaarden. De schulden worden alleen betaald uit de nalatenschap. Is de nalatenschap te klein, dan blijft het privévermogen van de erfgenaam beschermd. De schulden worden dus geen privéschuld. - zuiver aanvaarden
De erfgenaam accepteert alles: bezittingen en schulden. De schulden van de overledene worden dan privéschulden van de erfgenaam. Dit kan ook gaan om belastingschulden die nog moeten worden vastgesteld.
Heeft de erfgenaam kort voor het overlijden een schenking ontvangen, dan kan de erfgenaam in sommige gevallen aansprakelijk worden gesteld voor belastingaanslagen die na het overlijden worden opgelegd. De aansprakelijkheid is beperkt tot het bedrag van de schenking.
In sommige situaties kan een erfgenaam kwijtschelding krijgen voor de belastingschuld van de overledene. De voorwaarden verschillen voor erfgenamen en langstlevende partners.
Voor meer informatie kijkt u op Ik ben erfgenaam van iemand met een belastingschuld – wat kan ik doen?
Terug te betalen toeslagen
Een bedrag dat uw cliënt moet terugbetalen aan Dienst Toeslagen kan een box 3-schuld zijn. Dat geldt alleen als de terugvordering definitief is vastgesteld en de terugvordering op 1 januari van het belastingjaar nog openstaat.
Het gaat dan bijvoorbeeld om terug te betalen huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag of kindgebonden budget.
Andere voorbeelden van schulden in box 3 vindt u op Wat zijn uw schulden?