Les 3: Verzekeringsplicht volksverzekeringen
Niet (volledig) verzekerd voor volksverzekeringen of Zorgverzekeringswet (Zvw)
Niet volledig verzekerd zijn voor de volksverzekeringen of de Zvw komt voor wanneer iemand in 2025 (deels) buiten Nederland werkte of onder een bijzondere regeling viel, zoals bij actieve militairen met neveninkomsten of deelvissers. Dit geldt niet voor situaties zoals een gemoedsbezwaarde, een in Nederland verzekerde overleden partner of het bereiken van de AOW-leeftijd, waarbij alleen de premie verandert maar de verzekeringsplicht blijft bestaan.
Gemoedsbezwaarden
Een gemoedsbezwaarde heeft principiële bezwaren tegen elke vorm van verzekeringen. Zij kunnen bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) een ontheffing aanvragen voor 1 of meer volksverzekeringen. In dat geval zijn zij niet regulier verzekerd. In plaats van een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen ontvangt de gemoedsbezwaarde een premie-vervangende aanslag inkomstenbelasting. Voor de Zorgverzekeringswet krijgt de gemoedsbezwaarde een bijdrage-vervangende aanslag inkomstenbelasting.
Premie volksverzekeringen na de AOW-leeftijd
Na het bereiken van de AOW-leeftijd blijft iemand in Nederland verzekerd voor de volksverzekeringen, zolang iemand in Nederland woont of werkt. Wel verandert de premie: er hoeft geen AOW-premie meer te worden betaald, waardoor het totale premiebedrag lager wordt. Dit betekent echter niet dat iemand onverzekerd is. Het vinkje ‘vrijstelling premie volksverzekeringen’ wordt alleen gebruikt wanneer iemand buiten Nederland verzekerd was voor vergelijkbare volksverzekeringen.
Buitenland
Wanneer een cliënt in 2026 grensoverschrijdend woont of werkt, bepalen internationale regels de verzekeringsplicht. De absolute hoofdregel is dat iemand slechts in één land tegelijk sociaal verzekerd kan zijn.
Als basis geldt het werkstaatbeginsel: een werknemer is verzekerd in het land waar de werkzaamheden fysiek worden verricht. Bij tijdelijke detachering met een geldige A1-verklaring blijft de verzekeringsplicht echter in het uitzendende land.
Werkt een cliënt structureel in meerdere EU-landen, dan is de tijdsverdeling in het woonland doorslaggevend. Bij ten minste 25% van de werktijd of het loon in het woonland geldt de wetgeving van het woonland. Blijft de arbeidstijd in het woonland onder de 25%, dan verschuift de verzekeringsplicht naar het land waar de werkgever gevestigd is.
Voor grensoverschrijdend telewerken biedt de Europese Kaderovereenkomst Telewerk een specifieke uitzondering. Werknemers kunnen via een A1-aanvraag tot 50% van hun werktijd thuiswerken met behoud van de verzekering in het werkgeversland. Bij 50% of meer thuiswerken, of wanneer de overeenkomst niet van toepassing is, herleeft de reguliere 25%-grens en is de werknemer direct in het woonland verzekerd.
Wanneer uw cliënt slechts een deel van 2026 in Nederland verzekerd was, wordt het premie-inkomen voor de volksverzekeringen naar tijd- en inkomensevenredigheid verminderd voor de periode buiten Nederlandse dekking. Indien in diezelfde periode ook in het buitenland premie is afgedragen, voorkomen wettelijke regelingen een dubbele premieheffing.