Les 5: Begrippenlijst
Onroerende zaken
Een onroerende zaak is een perceel grond en alles wat daar duurzaam aan vastzit. Denk aan land, maar ook aan gebouwen met een fundering, zoals een huis, garage of schuur.
Eigen woning
De koopwoning waarin uw cliënt woont en die het hoofdverblijf is.
Aanhorigheden
Bijgebouwen of grond die bij de woning horen, zoals een garage of schuur.
WOZ-waarde
Door de gemeente vastgestelde waarde van de woning; basis voor het eigenwoningforfait.
Eigenwoningforfait
Een bedrag dat de Belastingdienst bij je inkomen optelt als je een koopwoning hebt. Je betaalt hierover belasting.
Eigenwoningregeling
Regels voor aftrek van hypotheekrente en behandeling van de eigen woning in box 1.
Aankoopkosten
Kosten die je maakt bij het kopen van een woning, zoals notariskosten en makelaarskosten.
Financieringskosten
Kosten die je maakt voor het afsluiten van een hypotheek, zoals afsluitkosten, bemiddelingskosten en notariskosten voor de hypotheekakte.
Eigenwoningschuld
De hypotheek of de lening die je hebt gebruikt om je woning te kopen, te verbeteren of te onderhouden.
Eigenwoningreserve
Het bedrag dat overblijft als je je huis verkoopt en daar de eigenwoningschuld en verkoopkosten, zoals makelaarskosten, vanaf haalt.